Jef Geeraerts
E
|
igenlijk was ik hem een beetje vergeten. Toch was hij een van de schrijvers die op de middelbare school veel indruk op me maakten. Jef Geeraerts dus. Een merkwaardige verschijning zo leek het op het fotootje achterop zijn roman ´Black Venus´. Dat wil zeggen, het portret van de schrijver stelde licht teleur.
Het was een van de vragen die de leraar Nederlands stelde naar aanleiding van mijn enthousiasme. ,,Wat denk je, als je die foto ziet´, vroeg hij. En dus maakte ik hem deelgenoot van mijn teleurstelling. Iemand die zo prachtig schreef over zijn ervaringen als administrateur in de Belgische Kongo kon er toch niet zo gewoon uitzien.
Desondanks las ik elke roman na Gangreen 1 Black Venus en ook zijn korte verhalen verslond ik. Na een aantal jaren sleet de liefde. Het was toch wel veel van hetzelfde en dat van die Belgische treurnis in Kongo wisten we nu wel. Kennelijk besefte de schrijver dat zelf ook wel, want hij verliet het pad van de literatuur. Hij verwierf meer bekendheid als verdienstelijk thriller-schrijver.
Langzaam verdween hij daarmee uit mijn gezichtsveld. Zo nu en dan stuitte ik op het omslag van die eerste Gangreen. Die prachtige naakte zwarte vrouw deed toendetijds de gemoederen aardig oplopen in het nogal katholieke België. Latere edities lieten een meer grafische afbeelding zien. Nogal saai.
Tot in 1996 bij de boekrecensies melding werd gemaakt van een nieuw boek van de Belgische schrijver. Een nieuw boek waarin hij terugkeerde naar zijn oude stiel, zo luidde de recensie en de auteur was nogal lovend. Daar moest ik meer van weten en greep de kans als journalist.
Een afspraak was snel gemaakt en zo togen wij – mijn betere helft vergezelde mij - naar Gent. De stationsrestauratie waar wij eerst hadden afgesproken was de fragiele oude man in dikke jas niet geheel naar de zin. Hij wist wel iets beters en wilde mij er wel heen brengen.
Het was een snelle rit in een gloednieuwe Honda Prelude door het centrum van de stad. Zijn rijstijl deed wel denken aan het beeld dat je in eerste instantie had van de jonge administrateur in de Belgische kolonie en strookte ook nu nauwelijks met dat van de werkelijkheid. Het was, zo staat me nog wel bij, een aangenaam gesprek. Al kostte me het wel enige moeite de verleiding te weerstaan hem te vertellen van mijn jeugdige bewondering.
Toen ik onlangs in een fotodoos rommelde, kwam ik de foto tegen die ik toen van hem had gemaakt. Het schoot me te binnen dat dit het eerste interview met een schrijver was. Geeraerts is al weer jaren terug overleden. Ook bij dat bericht herinnerde ik me de tocht naar Gent.


Reacties
Een reactie posten