De verhalen van de overwonnenen
We hebben er lang op moeten wachten, de verhalen van de overwonnenen. Hoe was het om deel uit te maken van de verliezende krijgsmachten van het Derde Rijk en het keizerrijk Japan?
Erg populair zijn dergelijke verhalen - zeker in eigen land - natuurlijk niet. Hoewel de roman `Menselijke Voorwaarden´ van de Japanner Junper Gonikawa (1956) ook in Japan bij verschijnen een succes was. Doorgaans is dit evenwel niet het geval. Wellicht speelde de schaamte een rol, omdat het avontuur met grote woorden was aangegaan. Dan is teloorgang des te treuriger. Er is niets heldhaftigs aan de terugtocht.
Dat we in Nederland lang hebben moeten wachten op `Menselijke Voorwaarden´ ligt meer aan de omvang van de roman en de angst van uitgevers er weinig aan te kunnen verdienen.Vorig jaar verscheen het 1500 pagina´s tellende meesterwerk eindelijk als de verdiende uitgave in het Nederlands. Verfilmd was het al eerder.
Het is het onvoorstelbare verhaal van een jonge ambtenaar die poogt onder de dienstplicht uit te komen in het door Japan bezette Mantsjoerije in China. Pas als hij ingrijpt bij de executie van krijgsvangen Chinezen, moet hij er toch aan geloven. Bij de uiteindelijke gevreesde aanval van de Russen overleeft hij als een van de weinigen. Om een droevig lot tegemoet te gaan op de tocht naar zijn thuisbasis.
Niets heldhaftigs is er aan dit verhaal, maar wat is het een schitterende vertelling. Hoe kan een humanist zijn beginselen trouw blijven onder zulke omstandigheden? De hoofdpersoon gelooft er tenslotte zelf niet meer in. Voor ons rest slechts de gedachte, dat hij al te menselijk was.
Net zo menselijk als de hoofdpersoon Veit Kolbe in de roman van de Oostenrijker Arno Geiger `Onder de Drachenwand´. Hij poogt onder de teruggang naar het front uit te komen, na vier jaar aan het Russische front als chauffeur te hebben deelgenomen aan de verschrikkingen.
Evenmin als Gonikawa is er sprake van heldendaden. Toch is Geiger aanzienlijk lichter van toon. Het verschil is natuurlijk dat Gonikawa zelf deel heeft uitgemaakt van het Japans leger in Mantsjoerije en een vergelijkbare helletocht heeft meegemaakt. Geiger is een jonge schrijver die het heeft aangedurfd te schrijven over de treurige periode van de teloorgang van het Derde Rijk.
Toch is Geigers verhaal net zo indrukwekkend als dat van zijn Japanse voorganger. Hoe anders zijn deze verhalen afgezet tegen die van de overwinnaars. Hoewel in de literatuur geen plaats is voor heldenverering in oorlogssituaties zijn de romans zo optimistisch van toon.
Logisch zult u denken, voor verliezers is optimisme het geloof der blinden. Voor hen is er slechts de ellende van de verliezer. Zeker als die voortkomt uit de hoogmoed van de aanvankelijke onoverwinnelijke aanvaller. Toch zijn deze romans op de een of andere manier zoveel eerlijker dan het wat opgeblazen eergevoel van de andere kant.
Het is de vraag wat we zouden vinden van Duitse of Japanse romans, die de loftrompet over de triomftocht in het begin van WO2 zouden steken. Die romans zijn er dan ook na de oorlog niet verschenen.
Dat er nu twee romans liggen, die de worsteling met een verloren oorlog aangaan, is als bewijs voor de zinloosheid van oorlogsgeweld misschien nog wel eerlijker dan die van de tegenpolen. Want ook die hebben dat wel geprobeerd, maar ja voor overwinnaars is het gemakkelijker ootmoedig te zijn.
Voor verliezers is het moeilijker en dapperder zeker als er zoals hier het geval is geen sprake is van verzetstrijders, maar van gewone soldaten die aanvankelijk helemaal niet zoveel moeite hadden met de oorlogszucht. Het inzicht in de onzin van de propaganda komt pas na de loopgraven. Joseph Heller had het met Catch-22 eerder begrepen.


Reacties
Een reactie posten